Cheers, Opoe

Nu. Daar ben ik weer.
Met baard! Ja. Heus. Een echte baard.

En ik heb ook Jack Sparrow-ogen. Met van die zwarte randen. Want ik kom net terug uit Bandipur en omdat het hier regent als een gek waren de wegen heel moeilijk begaanbaar. Wel spannend. Op sommige plekken leek het wel alsof er een rivier over de weg liep. Daar moesten we doorheen. En de weg van Bandipur naar Kathmandu is ingesloten door hoge bergen. Dus nog even op een rij: hele harde regen - bergen - rivieren op de weg. Logisch toch? En als het niet zo logisch is dan komt dat omdat de reis over de rivier/weg mij vandaag acht uur heeft gekost. En gedurende die acht uur heb ik vrijwel continu met mijn hoofd uit het raam gehangen. Dan zie je naast hele mooie Nepalese natuur ook heel veel vieze dieselvrachtwagens. En toen ik net aankwam in het hotel was mijn hele gezicht zwart van het roet. Jack Sparrow-ogen. En wij maar denken dat die Nepalezen van nature donker pigment hebben. Niet dus. Komt door het verkeer.

Maar ik heb een poosje niets van me laten horen. Dat komt omdat er op veel plekken geen internet is. Dat is een goed teken want het betekent ook dat ik naar veel plekken ben geweest zonder toeristen.

Dit verhaal begint met mijn vijf uur durende reis naar Chitwan. Daar is het beroemde nationale park van Nepal. Deze heuse jungle staat bekend om zijn neushoorns, wilde olifanten, luipaarden en tijgers. Het is er ook verstikkend heet en de muggen zijn zo groot dat ze eruitzien als zwevende zwarte plastic tassen. Met poten. Het eerste bataljon muggen waar ik met mijn hoofd tegenaan liep zette het flink op een steken en zuigen en zodoende liep ik er tijdens mijn eerste dag in Chitwan bij als The Elephant Man.

Het hotel in Chitwan was uitstekend al vond ik twee dagen verblijf ook wel prima in plaats van de drie dagen dat ik er zat. Er waren namelijk relatief veel Hollanders (een stuk of vijf) en daardoor leek het bij aankomst in mijn ogen wel Kamp Holland. Ik lette er goed op om anoniem in een hoek te blijven zitten, waar ik me prima vermaakte met mijn muggenvrienden en een dik boek. 's Avonds raakte ik toch aan de praat met Chris, een Engelse piloot van 35 en met hem sprak ik af dat hij de volgende ochtend mee zou gaan op de olifantenjungletocht. Want hij vroeg het heel aardig.

Deze volgende ochtend reden we met de terreinwagen naar de jungle. Daar stond al een olifant voor ons klaar en we klommen erop. Het massieve beest liep de jungle in waar we al snel apen en herten te zien kregen. Het duurde niet lang of er kwamen twee neushoorns aanlopen. De olifanten (er was er nog een met een familie) begonnen meteen intens te grommen, te trompetteren en soms zelfs naar de beesten te rennen. Dat was best bijzonder. Opeens verandert zo'n lomp, gemoedelijk dier in een paar ton spieren en agressie. Met mij erop! Ik heb er een leuk filmpje van gemaakt. Coming soon.

Later die dag ging ik samen met Chris en een gids naar een Tharu dorp. Dat zijn Nepalese mensen die in hutjes van klei wonen en die in onze ogen erg primitief leven. Wel hebben ze electriciteit maar dat jatten ze door het hek dat om de jungle staat af te tappen. Een verlegen mevrouw ging met ons mee de jungle in (wat ik best griezelig vond want er leven nu eenmaal tijgers daar) en samen met haar moesten we varens plukken. Het begon te regenen en het duurde niet lang of ik plukte varens van de grond en bloedzuigers van mijn benen. Het is verbazingwekkend hoe snel je eraan went om die beesten van je benen te plukken.

We namen de varens mee naar haar hut alwaar ik met een ronde steen knoflook en pepers over een andere steen moest fijn malen. Ondertussen ging Moeders koken. Toen de zelfgeplukte varens later werden opgediend (ik zat gewoon op de grond in de kleihut) met aardappels en rijst kregen we er ook nog een heerlijk slokje rijstwijn bij. Die rijstwijn hebben we in Nederland ook al heet het bij ons Euro Ongelood. Het eten was best lekker en na twee intensieve dagen op het toilet waren de laatste restjes keurig uitgescheten. Diezelfde avond gingen we terug de jungle in alwaar ik wederom ongemakkelijk tussen de bomen liep. De gids vertelde ons dat de dieren niet dichterbij zouden komen omdat hij een zaklamp had en 'dat kennen de beesten niet'. Nee. Behalve dan dat ene hert dat met veel kabaal op een paar meter afstand door de bomen denderde. Gelukkig schrok naast mij ook de gids zich kapot. Hahaha.

Die avond sliepen we in de Jungle Tower, dat is duidelijk, een toren in de jungle. Met een olielampje zeeg ik neer op mijn bruin uitgeslagen matrasje en viel ik in slaap, omringd door de geluiden van het woud. De volgende ochtend om kwart over vijf (!) werd ik wakker gemaakt door de gids zodat we vanaf het balkon de wilde dieren konden bekijken. Dat werd onverwacht een komische situatie want terwijl Chris en ik met dichtgeknepen ogen het bos afspeurden stond er een Nepalees onderaan de toren te douchen onder een waterpomp. Met veel rochelende geluiden. Geen dier liet zich dus zien.

's Middags stond er ook wat leuks op het programma. Chris vroeg of hij mee mocht doen en met zijn tweeen gingen we een olifant wassen. We gingen op haar rug zitten (zonder zadel) en liepen met haar (en een gids) naar de rivier. Dat op zich is al leuk. Eenmaal in het water begon het beest zich vol te slurpen met water om het vervolgens op haar rug uit te spugen. Op ons dus. Via een ander commando liet ze zich plots naar rechts vallen waardoor ik met een smak in de rivier terechtkwam. Dit geintje werd een aantal keren herhaald. Het is heel bijzonder om op ooghoogte van een olifant in een rivier te zwemmen en met het dier te spelen. Om haar te belonen ging ik haar wassen met een grote steen. Iemand heeft hier allemaal foto's van gemaakt en die komen nog.

Later op de dag had ik ook nog een solo-activiteit gepland. Een kanotocht over een rivier met krokodillen. Eigenlijk was het de rivier die door het nationale park liep. Ik hoefde zelf niet te peddelen maar mocht lekker zitten en genieten van de natuur. Heel plezant. Krokodillen waren er genoeg, maar ook mooie vogels en hier en daar een aap. De kano meerde aan bij het olifanten Breeding Center en zodoende kon ik ook nog wat kalfjes bekijken. Nou ja. Kalfjes. De meeste hadden het formaat van een Duitse operazangeres.

Op dag drie nam ik afscheid van Kamp Holland (Sapana Lodge) en reed ik in vijf uur naar Bandipur waar ik wederom een schitterende hotelkamer kreeg net uitzicht op de sneeuwtoppen van de Himalaya. Daar verdiepte ik mij in The Girl With The Dragon Tattoo wat alweer Dik Boek Nummer 4 was. 's Avonds kreeg ik bezoek van gids Shyam die mij de volgende dag mee zou nemen op een trekking. Ook dit hotel had heerlijke paneercurry's al was de bediening licht autistisch (misschien omdat er in totaal maar drie gasten waren).

De volgende ochtend stond Shyam al op me te wachten en begonnen we met de acht uur durende trekking door de bergen. Bergop, bergaf en Trouwe Lezer, allemaal op mijn teenslippers. Het ging prima. Onderweg stopten we vaak in verschillende dorpjes bij bekenden van Shyam en kregen we veel zure en zoete melkdrankjes. Ik vroeg aan een Nepalese oma of de hete ossenmelk die ik dronk gezoet was. Nee. Oh nee. Dat was puur natuur. Want Nepalese ossen eten het beste gras van de wereld. Ik deed later maar net of ik de onopgeloste suiker onderin de beker niet zag. Cheers, opoe. Op het beste gras van de wereld.

Het werd een boeiende dag met veel mooie natuur, veel bij mensen langsgaan en veel praten met Shyam. En geen andere blanke gezien. Later in het hotel (nadat ik afscheid had genomen van Shyam met een leuke fooi en een colaatje) nam ik nog zo'n lekkere curry en las ik de Zweedse thriller uit. 's Nachts begon het enorm hard te regenen. Zo hard dat toen ik vanmorgen wakker werd mijn hele hotelkamer blank stond. Als ik met mijn voet op de vloerbedekking tikte golfde het water zo van de ene naar de andere kant van de kamer. Gelukkig had ik al mijn bezittingen (inclusief tassen) op het andere bed gezet en niet op de grond anders had ik een groot probleem gehad. Toen ik mijzelf aankleedde en het personeel op de hoogte bracht vroegen ze wat ik voor mijn ontbijt wilde. En of ik suiker in die koffie wilde. Juist. Eh. Ja. Suiker, lekker. Toen ik een half uur later mijn hotelkamer verliet stond het water nog net zo hoog.

En nu (na acht uur rijden dus) ben ik weer in Kathmandu. Maar heel eventjes, want morgen ga ik een week de bergen van Nepal in met de zogenaamde trekking van Helambu. Het zal ongetwijfeld flink ploeteren worden, want het is en heet en regenseizoen. Ik ga zoveel mogelijk proberen op teenslippers te lopen. Maar ik moet er bijschrijven dat de wonden op mijn hielen inmiddels genezen zijn.

Dan ga ik nu eten.
Want ik ben uitgehongerd.

Net ben ik nog snel het centrum van Kathmandu ingerend om deel twee van de Zweedse boekentrilogie te kopen zodat ik vanavond kan beginnen met lezen.

Dag Trouwe Lezer.
Of zoals ze in Kathmandu zeggen:
Moet je die kale zien, wat een BAARD!"

9 opmerkingen:

  1. top man ben wel beetj jaloers zit op saai kantoor !

    groeten michiel

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Michiel: Same here! Schitterend mooi.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. c0ne19:50

    Leuk.. have phun!

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Hey frank ben naar film inception geweest wat is die film goed !
    Veel plezier nog daar.

    groeten michiel

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Zit jij trouwens al sinds 1987 in Nepal? Ik heb het gevoel dat je pas net weg bent.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. O sorry. Zevens en achten, wie haalt ze niet door elkaar?? daar gaat m'n gevatte grap verdomme

    BeantwoordenVerwijderen
  7. @Quirk: Zelf ook verkeerd gelezen in je reactie. Grap erg leuk gevonden.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. @Impa: dank je, fijn dat ie toch nog gewaardeerd wordt. ;)

    BeantwoordenVerwijderen